spiegelreflexcamera voor beginners

Hoe werkt een spiegelreflexcamera?

Gemiddelde leestijd: 8 minuten

spiegelreflexcamera voor beginners linksbovenEen fototoestel is niets meer dan een donkere kamer met een gaatje erin. Als je zelf in een donkere kamer zou zitten zou je uiteraard niets kunnen zien. Maar als er een klein gaatje in een van de vier wanden zou zitten, ontstaat er op de muur tegenover het gaatje een afbeelding van de buitenwereld.

Een dergelijke ruimte staat al eeuwenlang bekend als de `camera obscura’, letterlijk vertaald: donkere kamer. Sommige schilders gebruikten de camera obscura om betrekkelijk eenvoudig tekeningen te maken door simpelweg de contouren van de afbeelding op de wand over te trekken.

Het principe van de camera obscura wordt in de fotografie ook gebruikt. Alleen wordt er niets op een wand getekend, de afbeelding wordt op een lichtgevoelige sensor vastgelegd.

Hoe komt het dat er met het licht dat door een opening valt een afbeelding geprojecteerd wordt?

Als een lichtstraal op een voorwerp valt, dan wordt een groot gedeelte van dat licht in alle richtingen teruggekaatst. De lichtstraal spat als het ware uit elkaar en wordt naar alle kanten toe verstrooid. Dit wordt `diffuse reflectie’ genoemd. Het licht dat weerkaatst wordt van je onderwerp valt als kleine lichtpuntjes op de sensor aan de binnenkant van de camera. Op de sensor staat nu dus een afbeelding, al staat de afbeelding nog wel ondersteboven en verkeerd gespiegeld.

Als de opening waar het licht door naar binnen valt maar heel klein is, krijg je een scherpe, gedetailleerde afbeelding bestaande uit minuscuul kleine lichtpuntjes. Dat door zo’n kleine opening maar heel weinig licht op de sensor valt is echter wel een probleem. Door de concentratie van de lichtpuntjes is het Beeld natuurlijk scherp, maar erg donker. Als de opening groter wordt krijg je dus een helderder maar wel een onscherper beeld.

Dit probleem kan echter eenvoudig opgelost worden door een bol stukje glas in de opening te stoppen. Daarmee is het mogelijk om dus toch een scherpe en heldere afbeelding op je sensor te krijgen. Het bolle geslepen stukje glas dient dan als lens. Om een goede hoogwaardige kwaliteit van een foto te krijgen worden er een aantal lenzen achter elkaar gebruikt die in een vatting zijn gezet. Dit noemen we het objectief.

Bouw van de camera

De camera is dus een lichtdichte doos, met aan de voorkant een objectief. Aan de achterkant van de doos zit een lichtgevoelig plaatje waar de afbeelding op vastgelegd wordt: De sensor, chip of ccd.

Om te kunnen zien wat je gaat fotograferen is er in de “doos” een spiegel aangebracht. Die spiegel weerkaatst de afbeelding naar boven. Van daaruit wordt de afbeelding naar achteren, in de zoeker geprojecteerd. Als je door de zoeker kijkt, kijk je dus via de spiegel in de body door de lens naar je onderwerp. Wanneer je de foto maakt klapt de spiegel even omhoog, waardoor de afbeelding op de sensor valt. Dat is dus ook de oorzaak dat je op het moment van fotograferen even niets ziet.

Spiegelreflexcamera voor beginners

-Sluiter

Binnenin de camera zitten nog wat dingetjes die wel handig zijn om te begrijpen wat ze zijn en wat ze doen. Om te beginnen zit er voor de sensor nog een gordijn van metalen lamelletjes. Dat gordijn schermt de sensor af voor het licht.

Als de foto gemaakt wordt, nadat de spiegel omhoog is geklapt, gaat het gordijn even open, de afbeelding komt nu direct op de sensor. Afhankelijk van je instellingen gaat hij na een bepaalde tijd weer dicht. Dit gordijn wordt de ‘sluiter’ genoemd.

Hoe lang dat de sluiter open staat is afhankelijk van je instellingen. Soms staat hij maar heel kort open, bijvoorbeeld 1/4000 van een seconde, soms staat hij langer open zoals 1/20 van een seconde. Met de sluitertijd kan dus de hoeveelheid licht die op de sensor valt geregeld worden.

-Diafragma

Het diafragma is een opening die een beetje lijkt op de pupil in onze ogen en zit in het objectief. Hij kan groter en kleiner ingesteld worden, wat betekent dat ook met deze instelling de hoeveelheid licht die op de sensor valt geregeld kan worden.

spiegelreflexcamera

-Belichten

Als je een foto wil maken heb je een bepaalde hoeveelheid licht nodig, als het buiten zonnig is heb je meestal teveel licht. Je wilt natuurlijk dat er van al dat licht maar een klein beetje op je sensor valt, anders heb je een overbelichte foto. Het tegenovergestelde is natuurlijk dat als je in de schemering of in het donker wil fotograferen je te weinig licht hebt en dat je dus meer op je sensor wil laten vallen, anders krijg je een onderbelichte foto.

Soms wil je dus veel omgevingslicht op je sensor laten vallen en soms juist wat minder. De hoeveelheid licht die op je sensor valt wordt geregeld door de diafragma-opening en de tijd dat je sluiter openstaat. Er zijn verschillende manieren om dit probleem op te lossen.

-Sluitertijdvoorkeuze

Boven op je camera zit een draaiknop, daarmee kan je instellen op wat voor manier de camera de belichting regelt. Zet je je camera op Tv of op S dan kies je zelf de sluitertijd en stelt je camera het diafragma automatisch in.

-Diafragmavoorkeuze

Voor de diafragmavoorkeuze zet je de camera op Av. Daarmee bepaal je de grootte van je diafragma en de camera zoekt er automatisch de juiste sluitertijd bij.

-Programmastand

De programmastand staat op je camera simpelweg aangegeven als een P. In deze stand stelt de camera de sluitertijd en het diafragma automatisch in. De overige waarden zoals de ISO en de witbalans moeten zelf ingesteld worden.

-Handmatige stand

Oftewel de M-stand, in deze stand moet de fotograaf de instellingen zelf bepalen. De sluitertijd, het diafragma, de focuspunten, de ISO-waarden en eventueel de witbalans (dit kan ook in de nabewerking). Deze stand wordt door veel fotografen gebruikt omdat je hier de meeste creativiteit mee hebt. Maar doordat je de instellingen zelf bepaald kan dit in sommige situaties ook kostbare tijd verspillen.

-Automatische stand

De A-stand ook te herkennen aan het groene vierkantje, dit is de volledig geautomatiseerde stand, je hoeft hier niks in de gaten te houden en alleen maar af te drukken. In deze stand heb je geen enkele invloed op de foto die je wil maken.

-Bulb

De bulb modus (B-stand op je camera) wordt meestal voor nachtopnames gebruikt, omdat je hier zelf kunt kiezen hoe lang je de sluitknop induwt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *